TAAI-consult logoTAAI-consult
Menu

Kennisbank · een nieuwe OR

Wanneer is een ondernemingsraad verplicht, en hoe richt je hem op?

Bijgewerkt 24 september 2026 · nagelezen in de WOR zoals die geldt sinds 18 februari 2023

Werken er in de regel ten minste 50 personen in een onderneming, dan is een ondernemingsraad verplicht (artikel 2 WOR). De plicht ligt bij de ondernemer. Bij 10 tot 50 mensen hoeft er geen OR te komen, maar gelden wel lichtere vormen van medezeggenschap.

In dit artikel · 7 onderdelen

Hieronder lees je wie er meetelt voor die 50, wie het initiatief neemt en hoe je een ondernemingsraad opricht, in zes stappen. Elk artikelnummer verwijst naar de Wet op de ondernemingsraden (WOR).

Wanneer een ondernemingsraad verplicht is, per aantal werkenden

WerkendenWat de WOR vraagt
Minder dan 10Geen verplichting. De ondernemer mag wel vrijwillig een OR instellen (artikel 5a).
10 tot 50Minstens twee keer per jaar een personeelsvergadering (artikel 35b). Een personeelsvertegenwoordiging als de meerderheid erom vraagt (artikel 35c).
50 of meerEen ondernemingsraad is verplicht (artikel 2).

Een cao kan de ondernemer ook verplichten een OR in te stellen, bijvoorbeeld bij minder dan 50 werkenden. De WOR geldt dan op dezelfde manier (artikel 5a).

Wie telt mee voor de 50?

De wet telt personen, geen fte’s. Iemand die twee dagen per week werkt, telt dus even zwaar als een fulltimer. Mee tellen:

  • iedereen met een arbeidsovereenkomst of een aanstelling bij de ondernemer (artikel 1 lid 2);
  • uitzendkrachten die ten minste 15 maanden in de onderneming werken (artikel 1 lid 3);
  • eigen medewerkers die in de onderneming van een ander werken, bijvoorbeeld bij een detachering (artikel 1 lid 3).

De bestuurder telt niet mee (artikel 1 lid 4), en zzp’ers ook niet: zij hebben geen arbeidsovereenkomst met de ondernemer. ‘In de regel’ betekent het aantal dat er normaal werkt, niet een tijdelijke piek.

Heeft de ondernemer twee of meer ondernemingen die samen in de regel 50 of meer personen tellen, dan stelt hij een gemeenschappelijke ondernemingsraad in als dat bevorderlijk is voor een goede toepassing van de WOR (artikel 3). In een concern kan daarnaast een centrale ondernemingsraad nodig zijn. Lees daarover wanneer een centrale ondernemingsraad verplicht is.

De rechtsvorm maakt niet uit. Ook een stichting of vereniging met 50 werkenden valt onder de WOR, zie medezeggenschap in een stichting.

Wie neemt het initiatief?

De plicht ligt bij de ondernemer (artikel 2). Hij hoeft niet te wachten tot het personeel erom vraagt. Vaak komt de vraag toch van medewerkers of van een vakbond.

Doet de ondernemer niets, dan kan iedere belanghebbende de kantonrechter vragen te bepalen dat er een ondernemingsraad komt (artikel 36). Denk aan een werknemer of een vakbond. De ondernemer moet zo’n uitspraak opvolgen.

Een ondernemingsraad oprichten in zes stappen

  1. Stel vast hoe groot de OR wordt. Het aantal leden hangt af van het aantal werkenden (artikel 6). Met toestemming van de ondernemer kan het reglement een ander aantal vastleggen.
  2. Leg de spelregels vast in een voorlopig reglement. Zolang er nog geen OR is, regelt de ondernemer in een voorlopig reglement hoe de kandidaatstelling en de verkiezing gaan (artikel 48). De vakbonden met leden in de onderneming worden daarover gehoord.
  3. Zet een verkiezingscommissie op. Veel organisaties laten een kleine commissie de verkiezing voorbereiden: de planning, de kandidatenlijsten en de stemming. Hoe je dat aanpakt, lees je in OR-verkiezingen organiseren.
  4. Zoek kandidaten. Wie ten minste drie maanden in de onderneming werkt, mag stemmen en zich kandidaat stellen (artikel 6). Kandidatenlijsten kunnen komen van vakbonden en van medewerkers zelf (artikel 9).
  5. Stem en maak de uitslag bekend. De verkiezing is geheim en schriftelijk (artikel 9). De OR maakt de uitslag bekend aan de ondernemer en het personeel, en de namen van de leden komen op een plek die iedereen kan zien (artikel 11).
  6. Start de OR. De OR kiest een voorzitter (artikel 7) en stelt zijn eigen reglement vast, nadat de ondernemer zijn standpunt heeft kunnen geven (artikel 8). Daarmee vervalt het voorlopige reglement. Een zittingsperiode duurt drie jaar, tenzij het reglement twee of vier jaar noemt (artikel 12).
Aantal leden van de OR (artikel 6). Daarna 2 leden meer per duizend werkenden, tot hoogstens 25.
WerkendenLeden
50 tot 1005 leden
100 tot 2007 leden
200 tot 4009 leden
400 tot 60011 leden
600 tot 1.00013 leden
1.000 tot 2.00015 leden

Tussen 10 en 50 werkenden: personeelsvergadering of pvt

Werken er in de regel 10 tot 50 mensen en is er geen OR of personeelsvertegenwoordiging, dan moet de ondernemer het personeel minstens twee keer per jaar bij elkaar laten komen (artikel 35b). Vraagt minstens een vierde van het personeel met redenen om een bijeenkomst, dan moet die er ook komen. Minstens één keer per jaar staat de algemene gang van zaken op de agenda.

Een personeelsvertegenwoordiging (pvt) bestaat uit ten minste drie mensen, rechtstreeks en geheim gekozen door het personeel (artikel 35c). De ondernemer mag een pvt instellen. Vraagt de meerderheid van het personeel erom, dan moet hij het doen.

Een pvt heeft minder rechten dan een OR. Wie meer invloed wil, kan de ondernemer vragen om een vrijwillige ondernemingsraad (artikel 5a).

Wat als je onder de 50 zakt?

Werken er na de oprichting niet langer in de regel 50 mensen, dan houdt de OR op te bestaan aan het einde van de lopende zittingsperiode (artikel 2 lid 2). De ondernemer kan wel besluiten de OR vrijwillig te houden (artikel 5a). Tijdens een zittingsperiode verandert het aantal leden niet door groei of krimp (artikel 6 lid 6).

Na de verkiezing: een goede start

Een nieuwe OR krijgt meteen te maken met het overleg met de bestuurder, en soms al met een eerste adviesaanvraag. De wet geeft de leden daar tijd en scholing voor:

  • minstens 60 uur per jaar voor onderling beraad en overleg, in werktijd en met behoud van loon (artikel 18);
  • minstens vijf scholingsdagen per jaar per lid, acht als je ook in een commissie zit (artikel 18);
  • de kosten van die scholing zijn voor de ondernemer (artikel 22).

Ik verzorg de starttraining voor een nieuwe OR, incompany voor de hele raad: rollen, rechten en verantwoordelijkheden, en de structuur en werkwijze binnen de OR. Wat een OR precies mag, lees je in de rechten van de ondernemingsraad. Alle trainingen staan op OR-training op maat.

Alle artikelen verwijzen naar de Wet op de ondernemingsraden zoals die geldt sinds 18 februari 2023. Lees de volledige tekst op wetten.overheid.nl.

Kennisbank

Veelgestelde vragen over het oprichten van een OR

Is een ondernemingsraad verplicht bij 50 werknemers?

Ja. Werken er in de regel ten minste 50 personen in de onderneming, dan moet de ondernemer een ondernemingsraad instellen (artikel 2 WOR). Het gaat om personen, niet om fte’s.

Tellen uitzendkrachten mee voor de OR-plicht?

Ja, zodra ze ten minste 15 maanden in de onderneming werken (artikel 1 lid 3 WOR). De bestuurder en zzp’ers tellen niet mee.

Hoeveel leden heeft een ondernemingsraad?

Dat hangt af van het aantal werkenden: 5 leden bij 50 tot 100, 7 bij 100 tot 200 en 9 bij 200 tot 400, oplopend tot hoogstens 25 (artikel 6 WOR). Met toestemming van de ondernemer kan het reglement een ander aantal vastleggen.

Wie mag stemmen bij de verkiezing van een OR?

Iedereen die ten minste drie maanden in de onderneming werkt. Dezelfde termijn geldt om je kandidaat te stellen. Het reglement van de OR kan een andere termijn noemen (artikel 6 WOR).

Wat kun je doen als de werkgever geen OR instelt?

Iedere belanghebbende, bijvoorbeeld een werknemer of een vakbond, kan de kantonrechter vragen te bepalen dat de ondernemer een ondernemingsraad instelt (artikel 36 WOR). De ondernemer moet die uitspraak opvolgen.

Mag een kleiner bedrijf vrijwillig een OR instellen?

Ja. Ook zonder verplichting kan de ondernemer een ondernemingsraad instellen. De WOR geldt dan zodra hij dat schriftelijk heeft gemeld aan de bedrijfscommissie (artikel 5a WOR).

Een nieuwe OR? Begin met een starttraining

Incompany voor de hele OR, op jullie eigen locatie, online of hybride. Van 3 tot circa 25 deelnemers. Artikel 18 WOR geeft OR-leden recht op scholing; de kosten zijn voor de werkgever.

Bel direct: 06 50 74 26 73

Vraag een starttraining aan

Ik reageer doorgaans binnen 24 uur. Geen verplichtingen.